Bodybuilding

Casusverslag

Patiëntgegevens

Patiëntgegevens

Leeftijd: 45 jaar
Geslacht: man
Lengte: 1.86 m
Aanvankelijk gewicht: 98.10 kg 
Aanvankelijke BMI: 28.40 kg/m²


Medische voorgeschiedenis/diagnose

Medische voorgeschiedenis/diagnose

Een 45-jarige voormalige bodybuilder wil zijn goede figuur behouden, met name zijn goede spierdefinitie. Volgens zijn trainingsschema moet hij vier keer per week gewichtheffen en een duurtraining doen. Om zijn trainingsroutines exact te kunnen beoordelen, laat hij zijn fitheid meten.


Grafieken van de meetresultaten

Grafieken van de meetresultaten

Lichaamsmassa-index (BMI)
Uit de BMI-grafiek blijkt dat hij binnen het bereik voor overgewicht valt en zelfs het niveau voor obesitas nadert.

 

  • 28.40 kg/m²

Vetmassa (FM)

Vetmassa (FM)
Maar een blik op de vetmassagrafiek laat een zeer laag vetmassa-aandeel van 6,20% bij 6,10 kg zien. Dit laat wel zien dat de vetmassacategorie niet overeenstemt met de BMI-rubricering.

 

  • Vetmassa (FM): 6.10 kg
  • Vetmassa (FM)%: 6.20 %
  • Vetmassa-index (FMI): 1.80 kg/m²
    -> BMI-klasse: 18.50 – 25.00 kg/m²

Lichaamscompositiegrafiek (BCC)

Lichaamscompositiegrafiek (BCC)
Uit de BCC blijkt de reden voor de lage vetmassa en het hoge gewicht. Het meetpunt voor de bodybuilder ligt buiten het normale bereik en duidt op een significant verhoogde vetvrije massa. Deze positie wijst in sterke mate op een hoog spiermassa-aandeel.

Skeletspiermassa (SMM)

Skeletspiermassa (SMM)
Dit hoge spiermassa-aandeel in alle extremiteiten is het resultaat van het trainen van de bodybuilder. Dit blijkt onmiddellijk uit de spiermassagrafiek.

 

  • SMM: 47.70 kg
  • SMM (linkerarm): 3.14 kg
  • SMM (rechterarm): 3.00 kg
  • SMM (torso): 20.20 kg
  • SMM (linkerbeen): 10.63 kg
  • SMM (rechterbeen): 10.46 kg 

Samenvatting

Samenvatting

Afgaande op de BMI zou je denken dat de voormalige bodybuilder lijdt aan overgewicht en nog net niet obees is. Echter, uit de meting van zijn lichaamssamenstelling blijkt dat de hoge BMI niet het resultaat is van een groot aandeel vetmassa, maar juist van een groot aandeel spiermassa. Dit blijkt uit de BCC. Uit de vetmassagrafiek blijkt bovendien nog een zeer lage vetmassa. Deze lichaamssamenstelling laat eens te meer zien dat het trainingsschema van de bodybuilder succes heeft en hij een goede fitheid heeft.

Een meting van de voormalige bodybuilder met de seca mBCA leidt tot een positieve beoordeling van zijn trainingsniveau. Daaruit blijkt duidelijk dat de relatief hoge BMI niet voortkomt uit een hoog aandeel vet maar uit een zeer hoog aandeel spiermassa in zijn lichaam.